Hoe Michael P. langzaam veranderde in een Monster door zijn schele oog

Verkeerde vrienden en een afhankelijkheid van alcohol en cocaïne liggen volgens Michael P. zelf ten grondslag aan de misdrijven die hij in 2010 heeft gepleegd. Dat blijkt uit verklaringen van P. en zijn advocaten tussen 2010 en 2012, die in handen zijn van RTL Nieuws. P.: “Ik dacht er niet over na wat ik anderen aandeed.”

Michael P. wordt verdacht van moord/doodslag op, ontvoering en ver-krachting van Anne Faber. Rechtbankdocumenten werpen een nieuw licht op zijn persoon.

Michael P. wordt op 5 mei 1990 geboren in Amersfoort. Volgens zijn advocaat groeit hij op in een ‘hecht gezin’. Op school krijgt hij te maken met pesterijen. “Dat zal te maken hebben gehad met het feit dat hij een oogafwijking heeft, hij is scheel”, beschrijft zijn advocaat in 2011 in zijn pleitnota.

‘Geen leerwonder’

P. blijkt volgens zijn advocaat ‘geen leerwonder’ en gaat daarom op jonge leeftijd werken in het bedrijf van zijn vader. Hij krijgt een relatie en raakt bevriend met een collega, die vrachtwagenchauffeur is. Die blijkt later als medeverdachte betrokken bij een aantal misdrijven gepleegd door Michael P.

Na het behalen van zijn rijbewijs wordt duidelijk dat de droom van Michael P. om vrachtwagenchauffeur te worden, nooit zal uitkomen. Zijn oogafwijking staat hem daarbij in de weg. De vriendschap met een collega blijft. “Ze vonden elkaar in hun interesses: auto’s, brommers, racen, stoer doen (grootspraak) en ongegeneerde taal bezigen”, aldus P.’s advocaat in zijn pleitnota.

Cocaïne
De twee mannen rijden vaak samen rondjes in de auto, maar gaan dat op den duur combineren met drugsgebruik. P. zegt dat hij tegen zijn nieuwe kameraad opkeek: “Hij had veel dingen beter voor elkaar dan ik.” Op 9 april 2010 besluit de vriend van Michael P. om twee jongens te beroven. Dat gebeurt onder invloed van cocaïne. P. en zijn vriend blijven ook daarna cocaïne gebruiken en maken zich daarna nog een paar keer schuldig aan afpersingen.

Op 30 april, het is dan de avond van Koninginnedag, stappen de twee opnieuw in de auto om rond te rijden. Op dat moment is er een jongerenfeest gaande in manege Luxool in Nijkerk. Twee vriendinnen, 16 en 17 jaar, hebben het feest verlaten en nemen in de buurt van het voetbalveld plaats op een bankje. Daar worden ze aangesproken en bedreigd door Michael P.. Hij ver-kracht de meisjes in een bosje even verderop.

“De wijze waarop de ver-krachtingen zouden hebben plaatsgevonden tart bijna het voorstellingsvermogen”, zegt de officier van justitie daarover in zijn requisitoir. Bij de rechter verklaart Michael P.: “Ik heb vooraf wel vaker gezegd dat ik wel eens iemand zou willen ver-krachten. […] Ik dacht er niet over na wat ik anderen aandeed.” Diezelfde avond maakt Michael P. zich samen met zijn vriend nog schuldig aan een straatroof.

LEES OOK!  Hij is de slechtste vader ter wereld, nu moet hij 3 jaar de cel in voor zijn gruweldaden

In de periode daarna gaat het slechter met P. “Het gedrag van cliënt is veranderd en hij loopt met zelfmoordneigingen rond. Ruim een maand daarna gaat hij toch weer met (medeverdachte, red.) rondjes rijden en drugs gebruiken”, zegt zijn advocaat daarover. P. en zijn vriend proberen vervolgens in juni nog een vrouw te beroven.

De misdrijven waar Michael P. zich schuldig aan heeft gemaakt zijn gepleegd in een korte tijd. Zijn advocaat spreekt over ‘een patroon van ontremming’. Hij zegt dat zijn cliënt een ‘beneden gemiddelde intelligentie’ heeft en ‘puberaal gedrag’ vertoont. Ook stelt hij: “Er zijn geen aanwijzingen voor een psychiatrische stoornis in engere zin.” En: “Er zijn geen aanwijzingen voor pathologische gedragspatronen.” Wel ziet de advocaat ‘aanwijzingen voor m*sbruik c.q. afhankelijkheid van cocaïne in de betreffende periode.’

Berouw bij de rechter

Als Michael P. in het Pieter Baan Centrum wordt geobserveerd, rapporteren een psycholoog en een psychiater over hem: “P. presenteert zich als egocentrisch en weinig empathisch.” Bij de rechter toont hij berouw: “Het is erg wat we de mensen hebben aangedaan. Zij hebben geen vertrouwen meer in anderen. Ik hoop dat zij ooit weer de draad oppakken met hun leven.”

Ook bezweert hij te willen afkicken van zijn afhankelijkheid van cocaïne. “Ik wil graag geholpen worden met het stoppen met drugs. Ik wil mijn straf uitzitten en daarna een toekomst met mijn vriendin opbouwen. Buiten ligt een goede toekomst voor mij klaar.”

Maar de vriendin van P. verbreekt na zijn veroordeling de relatie. Eenmaal in de cel moet hij zijn woning verkopen. Tijdens zijn detentie wordt P. niet betrapt op het gebruik van drugs. Zijn advocaat hierover bij het gerechtshof: “Cliënt geeft aan nooit in zijn leven nog drugs aan te zullen raken. […] Er blijkt uit geen enkele omstandigheid dat cliënt na zijn detentie nog eens met politie en/of justitie in aanraking zal komen.”

In hoger beroep wordt P. veroordeeld tot 12 jaar cel. In het laatste deel van zijn detentie komt hij op de forensische afdeling van een kliniek in Den Dolder terecht. Het is de bedoeling dat hij daar werkt aan een terugkeer in de maatschappij. Op 8 oktober wordt hij opgepakt als verdachte in de zaak van Anne Faber.